Antony Winkler Prins

Sentimentele Poëzij

I

Duizendtallen oceanen
    Zijn in ’t eindloos waereldmeir
Van mijn bittre weemoedstranen
    Slechts een droppel en niets meer.

Honderdduizend exterogen
    Doen den zwerver minder smart,
Dan het branden van mijn ogen,
    En het smachten van mijn hart.

Tachtig uitgevaste leeuwen
    Om het leger der hijeen,
Kunnen samen nooit zo schreeuwen,
    Als ik huil om u alleen!

II

Ach, wat blijft me uw afzijn kwellen!
    Scheiding, ach, een ijslijkheid . . .
Doch – ik zal eens even schellen
    Om Katrijn, de linnenmeid.

Diep in droefheid neergezeten,
    Schrei ik om den dood en ’t graf, -
Kom, Katrijn, de kamer vegen!
    En veeg ook mijn tranen af!

Scheiden is niet uit te houên
    Lachjens, lustjens gaan dan heen, -
Als Katrijn met Mey gaat trouwen,
    Ach, dan blijf ik gants alleen!

Uit: Braga